vriesnacht

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een nacht met een buitentemperatuur onder de 0,0 o C
    Een heldere vriesnacht.
    In De Bilt werd het afgelopen nacht -1,2 graden. Dat was twee tiende graad kouder dan gisternacht én tegelijk ook de tweede vriesnacht op rij die het landelijke hoofdmeetstation registreerde. Het gebeurde slechts viermaal eerder dat er na 10 mei nog nachtvorst werd gemeten (1909, 1941, 1946 en 1973).