vrachtwagen

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. verkeer (verkeer) een wagen voor goederenvervoer
    Tot mijn grote schrik zag ik twee koplampen op me afkomen en ik schreeuwde en zwaaide zo hard ik kon in de hoop de bestuurder van een reusachtige vrachtwagen tot stoppen te bewegen.
    Een kleine groep boeren blokkeert woensdagochtend opnieuw een distributiecentrum van ALDI in Drachten. Eén van de ALDI-vrachtwagens buiten de hekken kon door drie trekkers geen kant meer op.

Vertalingen

Engelstruck, lorry
Franscamion
DuitsLastkraftwagen, Lastwagen, Lastzug
Spaanscamión
Italiaanscamion
Portugeescamião
Russischгрузовой автомобиль, грузовик
Turkskamyon
Poolssamochód ciężarowy
Zweedslastbil
Deenslastvogn