volksstuk

onzijdig (het)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. toneelstuk dat ook door het 'gewone' volk gewaardeerd kan worden
    Vanaf haar 23ste was ze verbonden aan de hoofdstedelijke Salon des Variétés en trad ze op in volksstukken, melodrama's en kluchten. NRC F.G. de Ruiter 9 augustus 2001 [https://www.nrc.nl/nieuws/2001/08/09/hier-heeft-gewoond-7552655-a532240 Hier heeft gewoond]
    Dolle Dries was een van de drie titelhelden uit De Jantjes, het uit 1920 daterende volksstuk van Herman Bouber waarvan zondag de zoveelste nieuwe versie in première gaat. NRC Henk van Gelder 17 december 2004 [https://www.nrc.nl/nieuws/2004/12/17/de-zoon-van-dolle-dries-7715268-a839075 De zoon van Dolle Dries]
    In het theater van Toneelgroep Oostpool in Arnhem werkt hij met een cast van overwegend jonge spelers aan het toneelstuk Italiaanse Nacht van de Oostenrijks-Hongaarse schrijver Ödön von Horváth (1901-1938). De ondertitel ‘Een volksstuk in zeven scènes’ is op onschuldige manier misleidend: in Italiaanse Nacht waarschuwt Horváth tegen de opkomst van het nazisme in de jaren dertig. NRC Kester Freriks 17 januari 2007 [https://www.nrc.nl/nieuws/2007/01/17/ik-ben-bang-voor-radicalisering-11260939-a411811 ‘Ik ben bang voor radicalisering’]