vogelwacht
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈvoɣəlˌwɑxt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- natuurbeschermingsorganisatie die een of meer vogelreservaten beschermtVoor de vogelwacht betekenden de kraanvogels hoogseizoen: rondleidingen, lezingen en het dag en nacht bewaken van de afgesloten broedgebieden.
- persoon die vliegtuigen beschermt tegen vogels
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek