voeden

/ˈvudə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) van voedsel voorzien
  2. techniek, ov (techniek) (ov) een systeem voorzien van invoer zodat werking mogelijk wordt
  3. figuurlijk, ov (figuurlijk) (ov) aanzetten, aansporen

Etymologie

* In de betekenis van ‘voedsel geven’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1240

Vertalingen

Engelsfeed, nourish
Fransnourrir
Duitsnähren
Spaansalimentar, nutrir
Poolskarmić
Deensfodre, føde