visbank

mannelijk/vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. visserij (visserij) zitbank die men kan gebruiken om zittend te vissen
    De centre console, waaraan de CC haar naam te danken heeft is exact in het midden geplaatst en daar is plek voor twee personen op de multifunctionele stuurbank. Door een slim klapsysteem is de bank te veranderen in een stasteun, maar ook in een achterwaarts gerichte visbank. De Telegraaf 13 jan. 2013 [https://www.telegraaf.nl/nieuws/1018285/test-yamarin-53-cc-cross Test Yamarin 53 CC Cross]
  2. visserij (visserij) ondiepe, visrijke plaats in zee
    Dat is geen geringe opdracht. In de Noordzee staan tal van boorplatforms voor de winning van gas en olie. Veerboten varen heen en weer tussen het Verenigd Koninkrijk en Nederland. Vissersboten gooien hun netten uit op de visbanken. Pleziervaartuigen zoeken hun weg langs de kust of steken de Noordzee over. Er zijn op de Noordzee bovendien militaire oefengebieden en natuurgebieden die de gewone scheepvaart moet mijden. De Telegraaf 31 jul. 2013 [https://www.telegraaf.nl/nieuws/1082191/nieuwe-orde-op-krioelende-noordzee Nieuwe orde op krioelende Noordzee]
  3. handel (handel) standplaats op een vismarkt