woorden
boek
Start
›
V
›
vierenhalf
vierenhalf
/ˌvirənˈhɑlᵊf/
Betekenis
telwoord
breukgetal
(breukgetal) de breuk 4½; vier en een half
Hij is na vierenhalf jaar overleden.
Ik ga vierenhalve kilometer lopen morgen.
Verwante woorden
vier
vier heemskinderenstraat
vier tiende
vier vijfde
vier-zonder-stuurman
Vierakker
vierarmig
vierarmige
vieravond
vieravonden
vierbaans
vierbaansweg
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← vierendertigste
vierenhalve →