versterking

vrouwelijk (de)/vərˈstɛrkɪŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het versterken, krachtiger maken
    De versterking van sommige dijken is hoogst noodzakelijk.
    Maar hij was niet uitgenodigd om melancholisch te worden over het feit dat hij zich liet corrumperen met ossenhaas en Franse wijn, goede wijn overigens, een uitstekende versterking van het nieuwe grote rijk.
  2. extra hulp in probleemsituaties
    Gelukkig is de versterking onderweg.
  3. bouwkunde (bouwkunde) een fortificatie
    Als we deze versterking moeten overgeven hebben we een groot probleem.
  4. natuurkunde, elektronica (natuurkunde), (elektronica) het groter worden van een elektrisch signaal
    De versterking moet wel over het gehele frequentiegebied gelijkmatig zijn.
  5. natuurkunde, elektronica (natuurkunde), (elektronica) de mate waarin een schakeling van elektronische componenten, een toegevoerd signaal in spanning doet toenemen
    Een versterking van 50 dB is ruim voldoende.

Etymologie

*Naamwoord van handeling van versterken .

Vertalingen

Engelsstrengthening, reinforcement, reinforcement
Fransrenforcement, raffermissement, consolidation
DuitsStärkung, Verstärkung, Verstärkung
Spaansrefuerzo, fortificación, amplificación