verhuur
mannelijk (de)/vərˈhyr/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- tijdelijk gebruik van goederen die aan een ander toebehoren in ruil voor een vergoeding
Etymologie
*: "verhuren" zonder de uitgang -en
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek
*: "verhuren" zonder de uitgang -en