verhalencyclus
mannelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- reeks of serie bij elkaar horende verhalenHet verzameld werk van Patrizio Canaponi (verhalencyclus, roman, 2004)Oud-Winterswijkers weten de juiste locaties te benutten voor een lowcost-parodie op films à la de verhalencyclus van Tolkien en maffe verhalen van Monty Python's Flying Circus.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek