veelvoud

onzijdig (het)/ˈvelvɑut/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. wiskunde (wiskunde) getal dat een geheel aantal malen (groter dan één) een zeker grondtal bevat

Etymologie

* afgeleid van veel

Vertalingen

Engelsmultiple
Fransmultiple
Spaansmúltiplo