uitdrukken

/ˈœydrʏkə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. refl (refl) zich ~: een gevoel of gedachte in taal verwoorden
    Hij drukte zich uit in niet mis te verstane woorden.
  2. iets proberen te communiceren in iets anders dan woorden
    De allergrootste dank, die niet in één dankwoord valt uit te drukken maar waarvan dit boek hopelijk een bescheiden uiting vormt, is voor Maarten, Eliza en Oscar.
    Alleen al het onroerendgoedarsenaal in Berlijn en Dresden bezat waarschijnlijk een waarde die niet zomaar in geld was uit te drukken.
    Haar vader had zich dus ingelaten met zwartemarkthandelaars en was zijn geld kwijtgeraakt? Ja, zo zou je het, misschien iets minder fijngevoelig, uit kunnen drukken.

Vertalingen

Engelsexpress
Spaansexpresarse
Poolswyrażać
Deensudtrykke