uitblinker

vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. sport, onderwijs (sport) (onderwijs) iemand of iets de heel erg goed is, iemand die beter is dan de rest
    De uitblinker tijdens het zwemtournooi won alle wedstrijden.
    Hij was een uitblinker op school, hij was de enige cum laude zijn examen haalde.

Etymologie

* van uitblinken