tweehonderddertig
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˌtwehɔndərˈdɛrtəx/
Betekenis
telwoord
- "230", het getal tussen tweehonderdnegenentwintig en tweehonderdeenendertig, tweehonderd plus dertig
- om een hoeveelheid aan te gevenDe totale kosten bedragen tweehonderddertig euro en zevenendertig cent.
- om een plaats in een volgorde aan te gevenWe logeerden vlakbij het strand in kamer tweehonderddertig van het grootste hotel.
zelfstandig naamwoord
- dat wat in een (rang)ordening met 230 is aangeduidAls jij tweehonderddertig opruimt doe ik de twee kamers daarna wel, want die zijn kleiner.
- groep van 230 eenhedenDie tweehonderddertig kunnen onmogelijk een complete brigade met tanks tegenhouden.
Vertalingen
Fransdeux-cent-trente
Duitszweihundertdreißig
Italiaansduecentotrenta
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek