troosten

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) als iemand verdriet of pijn heeft deze persoon geestelijke steun geven
    Ik zie hoe Lot bij de anderen komt en zich laat troosten door Hannah.
    Wanneer tijd schaars is en je moet kiezen tussen troosten en voorlezen, dan delft voorlezen het onderspit.
    Wanneer tijd schaars is en je moet kiezen tussen troosten en voorlezen, dan delft voorlezen het onderspit.

Vertalingen

Engelscomfort, console
Fransconsoler
Duitströsten
Spaansconsolar
Italiaansconsolare
Portugeesaliviar, consolar
Russischутешать
Turksavunmak, avutmak
Zweedströsta
Deenstrøste