troetelen
/xxxx/
Betekenis
werkwoord
- (ov) iemand liefkozend knuffelenZij worden niet getroeteld den dewijd {{sic!|dewijl
Etymologie
* In de betekenis van ‘koesteren’ voor het eerst aangetroffen in 1515
Vertalingen
Engelscuddle
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek