toppie
onzijdig (het)/ˈtɔpi/
Betekenis
tussenwerpsel
- drukt enthousiaste instemming uitJagtenberg heeft zich als amateur-reparateur min of meer ontwikkeld tot expert koffiezetapparaten. Na enig onderzoek denkt hij te weten wat eraan mankeert. „Er moet een nieuw tandwieltje in. Dat moet ik online bestellen. Kost 10 euro.”„Kan je dat gewoon los kopen?” Collega Ton van der Vaart (67) zegt het met enig ongeloof in zijn stem. „Nou, toppie. Gaan we dat direct doen.”
zelfstandig naamwoord
- (hoofddeksel) (informeel) benaming voor eenvoudige petten en hoeden[deels fonetisch weergegeven volkstaal] Toen hing ze me een soort van 'n bovenbramzeil onder min kin en zei: ‘Nou ziet uwé d'r netjes uit. - maar wat heeft uwé op?’ Wel! riep ik, m'n toppie - maar zij vond dat niet passelijk, niet hoog fatsoenlijk zie je en ze zei: ‘U moest d'r 'n steek bij nemen, dat's fijn en maar acht stuivers extra.’
- (hoofddeksel) (Nederlands-Indië) benaming voor een traditioneel mutsje dat mannen dragen{{ouds
Etymologie
*: kan zowel een afleiding in het Bargoens van "top" zijn als een ontlening via "topi" van "टोपी" (ṭopī) "hoed"
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek