tjappen

/ˈcɑpə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) van een stempel, zegel of ander merkteken voorzien
  2. ov (ov) bewerken met een hak, zodat de grond wordt losgemaakt of gras en vuil worden verwijderd

Etymologie

*: "tjap" met de uitgang -en