taalkunst
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- de kunst die gebruik maakt van de taalMuziek, beeldende kunst en taalkunst hebben bij De Volder steeds een innig verbond gevormd.
- het op een kunstige manier omgaan met taalSchrijver en columnist Hugo Brandt Corstius is overleden. Schrijver en taaldeskundige Wim Daniëls reageert op zijn dood en spreekt over Brandt Corstius' taalkunsten.
- grammatica, spraakkunst
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek