superhond

mannelijk (de)/ˈsypərˌhɔnt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. hond met uitzonderlijk positieve eigenschappen
    Ze passen zich goed aan, hebben weinig jachtinstinct, blaffen niet, bijten niet en hoeven geen lange einden te wandelen. Het is een soort superhond voor in de stad.
  2. hond met onwaarschijnlijke vermogens die de hoofdrol in een heldenverhaal speelt
    Kelly krijgt een aai. En wij kijken vol spanning uit naar het volgende avontuur van deze superhond.

Etymologie

*(intensiverende) afleiding van hond