strook

mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. (dun) object waarvan de lengte groot is in vergelijking met de breedte
  2. textiel (textiel) [1], in het bijzonder van textiel of papier gemaakt
    Een strook papier.

Etymologie

* In de betekenis van ‘reep’ voor het eerst aangetroffen in 1604

Vertalingen

Engelsbinding, strip, stripe
Frans
DuitsStreifen, Band
Spaanscinta, faja, lista
Russischполоса, лента