strijdvaardigheid
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- bereid om een gevecht aan te gaanDappere ridders die in de eerste plaats met moed zijn toegerust en pas daarna met tastbare wapens die de vijand bij de eerste aanblik reeds zullen afschrikken! Hoe groot moet uw vreugde niet zijn, want met eenzelfde voornemen, dezelfde kracht en strijdvaardigheid gewapend, zullen wij recht op het doel afstevenen waarvoor men de dood niet hoeft te vrezen.' De indruk die hij op anderen maakte, laat zich samenvatten in het woord `terribile'; zijn denkbeelden, zijn werk, kracht en zijn strijdvaardigheid waren titanisch.
Etymologie
*afleiding van strijdvaardig
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek