strelen

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) zachtjes met de hand over iets of iemand strijken
    Er gebeurden rare dingen in me wanneer we daar achter een paar struiken stonden en elkaar streelden zonder dat ze ook maar één keer mijn handen weghaalde. Het was niet alleen dat mijn hartslag toenam en ik een erectie kreeg, het was alsof ik werd opgepompt als een autoband en elk moment kon ontploffen.
  2. refl (refl) zich ~: zichzelf zachtjes aaien
  3. liefkozen, versterken
    Zijn ijdelheid werd met die opmerking gestreeld.

Etymologie

* In de betekenis van ‘aaien’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1450

Vertalingen

Engelsstroke, pet, caress
Franscaresser
Duitsstreicheln, liebkosen, kosen
Spaansacariciar, acariciarse
Italiaansaccarezzare
Russischгладить
Poolsgładzić, głaskać
Zweedsklappa
Deensstryge