steenduif
mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (duifachtigen) een vogel uit de familie (duiven). Het verenkleed heeft een bruinrode rug met zwarte vlekken. De bovenkop en de nek zijn grijsgroen. Hals, borst en onderzijde zijn lichtroze. Deze soort komt wijdverspreid voor in midden- en Zuid-Amerika (Suriname) en telt vier ondersoortenWe zagen een aantal steenduiven vliegen.
Vertalingen
Engelsruddy ground-dove
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek