slingeren
/ˈslɪŋərə(n)/
Betekenis
werkwoord
- zich hangend aan een steunpunt heen en weer bewegenDe loshangende tak is nog enige tijd heen en weer geslingerd voor hij brak.Dus nu zou het zwemmen worden, daar liep het altijd op uit. Eerst zou Tarzan een beetje aan lianen slingeren tot hij bij een rivier of meer kwam, waar hij in dook en wegzwom van de krokodillen alsof het een makkie was.
- zwaaiend, onregelmatig heen en weer gaand voortbewegen
- ordeloos, zonder vooropgezet doel neergeworpen zijn
- (van varende schepen) schommelen om de lengteas
- hangend heen en weer doen bewegenHij slingerde zijn vrolijk lachende zoontje tussen zijn wijdgespreide benen heen en weer.
- met een zwaai weggooien
- meermalen winden om
- met een slinger voortbewegen
- met een slingermachine uit de raat halen
- (refl) zich ~: zich voortbewegen of zich uitstrekken in bochten of in de vorm van een slinger
Etymologie
*Afgeleid van slinger of een frequentatieve vorm van het verouderde werkwoord slingen (zich kronkelen)
Vertalingen
Engelsoscillate, swing, wind
Fransosciller
Duitsschwingen
Spaansoscilar
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek