woorden
boek
Start
›
S
›
slechtziendheid
slechtziendheid
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
het niet goed kunnen zien
Etymologie
* afleiding van slechtziend
Verwante woorden
slecht
slecht verlicht
slecht verlichte
slechtaard
slechtaards
slechte
slechten
slechter
slechtere
slechterik
slechteriken
slechtgehumeurd
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← slechtzienden
slechtzittende →