schuifelen
/xxxx/
Betekenis
werkwoord
- (erga) zich door de voeten kleine afstanden over de vloer te schuiven ergens heen voortbewegenHij was in het pikkedonker naar de andere kant van de grot geschuifeld.
- (inerg) zich door de voeten kleine afstanden over de vloer te schuiven voortbewegenEr werd wat geschuifeld, maar verder bleven de kinderen waar zij waren.
Etymologie
*(freqtt) schuiven
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek