schrooien

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. besnoeien, afsnijden
  2. ov, leerbewerking (ov) (leerbewerking) met behulp van een sneldraaiend freesmes bijwerken van de kanten van de zool en de hak
    Die schoenen moeten nog geschrooid worden.
  3. klompenmakerij (klompenmakerij) het met draaiende bewegingen verder uitboren van het gat in de klomp
  4. scheepvaart (scheepvaart) het laden van rondhout
  5. ov (ov) vaten of andere rolronde voorwerpen met behulp van touwen die er los omgeslagen zijn langs schuine liggers aflaten of ophalen
  6. inerg (inerg) zijwaarts afwijken of afglijden

Etymologie

*Komt van het Middelnederlandse scroden (snijden).