Schriftgeleerde

mannelijk (de)/ˈsxrɪftxəˌlerdə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. religie (religie) iemand die bijzondere kennis heeft van de Bijbel en zijn betekenis
    Het Schriftgebruik van de doopsgezinden had in zekere zin een revolutionair aspect. Het principe van het algemene priesterschap maakte van elke gelovige een Schriftgeleerde, ook van gewone ambachtslieden.

Etymologie

*, geschreven met een hoofdletter volgens omdat Schrift hier een naam voor de Bijbel is