schrammen

Betekenis

werkwoord
  1. een schaafwond oplopen; een schaafwond veroorzaken
    Hij had een vertederend gezicht. Bij de Somme was zijn rechterslaap door een kogel geschramd. Hij was heel bang geweest, maar was ervanaf gekomen met een litteken dat zijn oog een beetje scheeftrok en hem iets speciaals gaf. {{Aut|Lemaitre, Pierre