schoolgaan

/ˈsxolɣan/

Betekenis

werkwoord
  1. erga (erga) op een bepaalde school ingeschreven staan om daar lessen volgen
    Hij is daar jarenlang schoolgegaan.
  2. inerg (inerg) het volgen van lessen aan scholen
    Er werd toen nog op Zaterdag schoolgegaan.
    Hij heeft niet veel schoolgegaan.

Uitdrukkingen

  • Bij iemand nog wel kunnen schoolgaanVeel van iemand kunnen leren

Vertalingen

Fransaller en classe
Duitszur Schule gehen