sater
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (mythologie) figuur uit de Griekse mythologie, voorgesteld als een kleine man met korte staart en bokkenpoten, een vrolijk en ondeugend boswezen
- wellusteling
- (biologie) bepaalde dagvlinder
Etymologie
* Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘halfgod’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1563
Vertalingen
Spaanssátiro
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek