samenhorigheid

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het gevoel van samen een geheel te zijn
    De ramadan begint dit jaar op 23 of 24 april, afhankelijk van de stand van de maan, en duurt een maand. In deze vastenmaand wordt tussen zonsopgang en zonsondergang niet gegeten, gedronken of gerookt. Ook andere vormen van genot zijn verboden. Deze maand staat onder andere in het teken van samenhorigheid.

Etymologie

* afleiding van samenhorig