royalisme

onzijdig (het)/rojaˈlɪsmə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. politieke ideologie die voorstander is van een koning als staatshoofd
    Toen ik hem vandaag in het café om de hoek van mijn straat in Wenen vroeg of hij begreep wat de uiteindelijke finaliteit van Vlaanderen was, knikte hij. Hij begreep dat de wens naar onafhankelijkheid in meer dan 1700 jaar in de genen kruipt, onmiskenbaar deel gaat uitmaken van mensen die beseffen wat hun voorvaderen werd aangedaan. Dat hij het anachronisme van royalisme wel begreep, dat ook solidariteit grenzen kent. En hij was het die sprak van een momentum, zei het anders dan ik had verwacht.de Standaard 15/06/2010 door Roel Verschueren [http://www.standaard.be/cnt/blrve_20100615_001 Wohin geht dein Heimatland? ]
    Het probleem, zeggen zij, is niet de koning, maar de veiligheidsdiensten, zijn ongelukkige keuze van ministers, of het tribalisme in Jordanië. Of dit royalisme lijfsbehoud, pragmatisme of gespeeld is, blijft onduidelijk.NRC Leonie van Nierop 9 november 2012 [https://www.nrc.nl/nieuws/2012/11/09/jordanie-liever-koning-dan-chaos-1173994-a634547 Jordanië: liever koning dan chaos ]

Etymologie

* afleiding van royaal

Vertalingen

Engelsroyalism