roodbaard
mannelijk (de)/ˈrodbart/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (zangvogels) roodborst, roodborstje
- (visserij) rode poon
- persoon met rossige baard
Etymologie
*(erfwoord) via Middelnederlands "rootbaert" van Oudnederlands "rodbard", op te vatten als
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek