ren

mannelijk/vrouwelijk (de)/rɛn/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. veeteelt (veeteelt) verblijf voor kippen
zelfstandig naamwoord
  1. sport (sport) (meestal in meervoud) een snelheidsproef op de weg of in het terrein
    Een snelheidsproef in de lucht of het water noemt men nooit een ren of rennen.

Etymologie

*: "rennen" zonder de uitgang -en

Vertalingen

Engelsrun, run
Fransparquet d'élevage, course
DuitsAuslauf, Rennen