reisgids

mannelijk (de)/ˈrɛisxɪts/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een document met informatie gericht op een toerist of reiziger
    Piet kocht vlak voor zijn reis naar Rusland een reisgids waarin onder meer het Rode Plein stond beschreven.
    Ik citeer hier de Lonely Planet en hoewel het proza van deze reisgids in staat zou zijn om zelfs de Gazastrook nog op te leuken (‘the locals are very passionate’) moet gezegd worden: die Malediven zien er verdomd mooi uit. HP de Tijd ARNOUT LE CLERCQ 25 JAN 2019 [https://www.hpdetijd.nl/2019-01-25/de-malediven-verdwijnen/ De Malediven verdwijnen, maar onze consumptiedrift niet]
  2. beroep (beroep) iemand die reizigers begeleidt

Vertalingen

DuitsReiseführer, Führer, Reiseführer