Raken
/ˈrakə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) een klap, schot of stoot toebrengenHij raakt de paal met zijn hand/met de bal.
- (ov), (figuurlijk) emoties opwekkenDie grootmoedige houding raakt me.De deze week op 78-jarige leeftijd overleden Liesbeth List heeft een hoop mensen geraakt met haar stem, haar muziek en door wie ze was. NU.nl spreekt met verschillende artiesten en acteurs die speciale herinneringen aan haar ophalen.Moeilijke dingen, dingen die me raken, dingen waar ik niet altijd even goed raad mee weet.
werkwoord
- (erga) in een bepaalde toestand of situatie komenDit is in de vergetelheid geraakt.
- (auxl) maakt een ergatieve constructie met een bijvoeglijk naamwoord of voltooid deelwoordHij is daardoor verlamd geraakt.
werkwoord
- (ov)(verouderd) harken
- (ov)(verouderd) poken
Etymologie
* In de betekenis van ‘treffen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1285
Uitdrukkingen
- in een slip raken
- in paniek raken
- gewond raken
Vertalingen
Engelshit, touch, ramme
Duitsberühren, treffen, berühren
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek