radiozender
mannelijk (de)/ˈradijoˌzɛndər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (elektronica) toestel voor het uitzenden van radioprogramma's
- (communicatie) zender voor radioprogramma's
Vertalingen
Spaansemisora de radio, radiotransmisor
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek