puffen

/ˈpʏfə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. inerg (inerg) bij herhaling een kleine hoeveelheid gas uitstoten
  2. (bij mensen) lucht uitblazen wegens benauwdheid
    In Nederland is het warm, maar in Frankrijk en Spanje is het warmer, warmst. De hittegolven slaan toe in Zuid-Europa en toeristen puffen en zweten erop los. Hoe wapen je je onderweg naar je vakantiebestemming tegen de verzengende hitte? En hoe zorg je ervoor dat je koel blijft op de camping? NU.nl vroeg het enkele deskundigen.
  3. (bij mensen) stotend ademhalen tijdens het bevallen van een kind of als onderdeel van zwangerschapsgymnastiek
  4. (bij mensen) rook uitblazen bij het roken van tabak
  5. (bij mensen) een inhalator gebruiken
  6. (bij voertuigen en apparaten met motoren en stoommachines) met een regelmatig geluid uitlaatgassen uitstoten
  7. ov, verouderd (ov) (verouderd) zich niks aantrekken van, trotseren

Etymologie

*: "puf" met de uitgang -en