privésecretaris
mannelijk (de)/priˈvesekrəˌtarɪs/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- naaste medewerker van een hooggeplaatst persoon die alleen maar voor die ene persoon diensten verrichtDe organisatie werd geleid door de privésecretaris van Baldetti.Eén kardinaal was er vandaag niet bij; het is de 98-jarige Italiaan Loris Francesco Capovilla. Hij was de privésecretaris van paus Johannes XXIII.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek