port
mannelijk (de)/pɔrt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (m): en (n): vrachtloon, kosten voor poststukkenHij had het port niet betaald.
- (m): (drinken) een zoetige wijn, oorspronkelijk uit de streek rond PortoLust je en portje?
Etymologie
* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘vrachtgeld voor poststukken’ voor het eerst aangetroffen in 1588
Vertalingen
Engelspostage
Spaansfranqueo, vino de Oporto, vino Oporto
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek