pocher

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iemand die opschept over zichzelf
    'Een deel van de chefs blaast hoog van de toren. Aanvankelijk maakt dat nog indruk, maar al snel merken ondergeschikten dat de verwachtingen niet worden waargemaakt. Dan vinden ze hun chef een pocher.' Tubantia 06-06-12 [https://www.tubantia.nl/binnenland/chefs-overschatten-zichzelf-nogal-ernstig~aa88ae5b/ 'Chefs overschatten zichzelf nogal ernstig']

Etymologie

* van pochen

Uitdrukkingen

  • klagers hebben geen nood en pochers hebben geen broodzowel klagers als pochers hebben de neiging om zaken te overdrijven