piekautomaat
mannelijk (de)/ˈpikɑutoˌmat/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- speelautomaat die per honderd speeluren niet meer dan een à twee keer uitbetaalt. In plaats van regelmatig een beetje geld uit te keren, doet dit apparaat lange tijd niets, om dan plotseling heel veel pieken ‘guldens’ uit te betalen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek