paspoort
onzijdig (het)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- officieel document dat de houder identificeert als burger van een bepaald land, en toestemming vraagt in de naam van de regering van het uitgevende land om de houder in het land toe te laten
Etymologie
* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘nationaliteitsverklaring’ voor het eerst aangetroffen in 1488
Vertalingen
Engelspassport
Franspasseport
DuitsReisepass
Spaanspasaporte
Italiaanspassaporto
Portugeespassaporte
Chinees护照
Japansパスポート
Koreaans여권
Turkspasaport
Poolspaszport
Zweedspass
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek