paarlemoer

onzijdig (het)/ˌparləˈmur/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het glanzende mineraal dat de binnenzijde van bepaalde schelpen bedekt
    Van paarlemoer worden soms juwelen vervaardigd.

Etymologie

* In de betekenis van ‘harde, zilverachtige substantie uit sommige oesterschelpen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1567