overgaan
/ˈovərˌɣan/
Betekenis
werkwoord
- (erga) van de ene toestand in de andere veranderenLangzaam gaat het water over in ijs.
- (erga) iets anders gaan gebruikenWe gaan over op aardgas.Hij zag het probleem niet zozeer en maakte aanstalten om verder te lopen, waardoor ik overging op een andere strategie.
- (erga) veranderen inDe onderkant van de stengel gaat over in de wortel.
- (erga) van eigenaar veranderenDe boerderij ging over op zijn zoon toen hij overleed.`Heeft het hotel een nieuwe eigenaar?' vroeg ik. `Onlangs is Grand Hotel Europa overgegaan in Chinese handen,' zei hij. 'De nieuwe eigenaar heet meneer Wang. Het gaat om een recente ontwikkeling die we op dit moment onmogelijk kunnen beoordelen.
- (erga) op school naar een hogere klas gaanBen je overgegaan?
- (erga) minder worden en uiteindelijk weggaanDe pijn zal vanzelf overgaan, er zijn geen pillen nodig.
- (erga) eroverheen gaanWe wilden net de zebra overgaan toen er een ambulance aankwam.In het normale leven denk ik zelden aan de dood, maar hier stond ik elke dag voor beslissingen die weleens fataal af konden lopen, zoals het wel of niet oversteken van een woeste rivier of een hoge pas overgaan tijdens noodweer.
- (erga) een belsignaal laten klinkenDe telefoon ging over, maar niemand nam hem op.
Vertalingen
Engelschange, turn into, transfer
Duitsübergehen, übergehen, umstellen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek