omzichtigheid
vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het omzichtig zijn
Etymologie
*afgeleid van omzichtig
Vertalingen
Engelsdiscretion, generalship, prudence
Spaanscautela, circunspección, parsimonia
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek
*afgeleid van omzichtig