omtuining
vrouwelijk (de)/ɔmˈtœynɪŋ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het omheinen van een ruimte
- dat wat een ruimte omheintBinnen de omheining van Gods heilzame geboden is geen verschrikking, maar veiligheid en geborgenheid. Zo klonk het bijna veertig jaar geleden. Dit boek maakt duidelijk: buiten die omtuining wordt veel verschrikking ervaren. Daarom: tegen de wetteloosheid het Evangelie!
Etymologie
*afgeleid van "omtuin"
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek