omkoopzaak

mannelijk/vrouwelijk (de)/'ɔmkopsak/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. economie, juridisch (economie) (juridisch) strafzaak die draait om omkoping, wat betekent dat iemand (de omkoper) een ander in een machtspositie geld, geschenken, gunsten of voordelen aanbiedt of belooft, om die persoon te beïnvloeden om iets te doen of na te laten wat in strijd is met diens plicht, vaak voor een onrechtmatig voordee